TABEL 11 - RECHTSGEBIED ANTWERPEN

Uitstroom van zaken in de loop van 2024 per parket: motieven voor de zonder strafvervolging afgehandelde zaken (N en %)

<< vorig (tabel 10) |
tabel 11 voor 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025
Antwerpen Bergen Brussel Gent Luik - België
| volgend (tabel 12) >>
  ANTWERPEN LIMBURG RECHTSGEBIED BELGIE
n % n % n % n %
Afhandeling zonder strafvervolging om technische redenen 26.983 70,52 11.687 63,90 38.670 68,38 242.197 67,47
    Onvoldoende elementen voor strafvervolging 25.625 66,97 11.339 62,00 36.964 65,36 233.885 65,15
        Geen misdrijf 7.858 20,54 4.949 27,06 12.807 22,65 58.792 16,38
        Onvoldoende bewijzen 12.545 32,79 4.384 23,97 16.929 29,93 85.227 23,74
        Dader(s) onbekend 5.222 13,65 2.006 10,97 7.228 12,78 89.866 25,03
        Noodzakelijke gegevens niet beschikbaar omwille van de huidige wetgeving op de dataretentie 0 0,00 0 0,00 0 0,00 0 0,00
    Verval van strafvordering 252 0,66 116 0,63 368 0,65 2.689 0,75
        Verjaring 106 0,28 41 0,22 147 0,26 743 0,21
        Overlijden van de verdachte 142 0,37 72 0,39 214 0,38 1.901 0,53
        Verlies van rechtspersoonlijkheid 4 0,01 3 0,02 7 0,01 45 0,01
    Niet-toelaatbaarheid van strafvordering 1.087 2,84 227 1,24 1.314 2,32 5.097 1,42
        Onbevoegdheid nationale vervolgingsorganen-rechtsmachten 134 0,35 70 0,38 204 0,36 1.659 0,46
        Kracht van gewijsde 826 2,16 76 0,42 902 1,59 2.389 0,67
        Immuniteit 3 0,01 0 0,00 3 0,01 26 0,01
        Strafuitsluitende verschoningsgrond 46 0,12 66 0,36 112 0,20 618 0,17
        Voor klachtmisdrijf: afwezigheid klacht of klachtafstand 2 0,01 2 0,01 4 0,01 61 0,02
        Ne bis in idem 76 0,20 13 0,07 89 0,16 344 0,10
    Onbekend/error 19 0,05 5 0,03 24 0,04 526 0,15
Afhandeling zonder strafvervolging om opportuniteitsredenen 11.281 29,48 6.603 36,10 17.884 31,62 116.792 32,53
    Motieven eigen aan de aard van de feiten 2.783 7,27 3.330 18,21 6.113 10,81 44.940 12,52
        Beperkte maatschappelijke weerslag 59 0,15 200 1,09 259 0,46 2.353 0,66
        Nadeel gering 459 1,20 621 3,40 1.080 1,91 4.356 1,21
        Wanverhouding tussen de gevolgen van de strafvervolging en de maatschappelijke verstoring 482 1,26 573 3,13 1.055 1,87 16.471 4,59
        Toevallige feiten met oorzaak in specifieke omstandigheden 564 1,47 462 2,53 1.026 1,81 6.280 1,75
        Aandeel van partijen niet duidelijk te bepalen 732 1,91 585 3,20 1.317 2,33 6.707 1,87
        Redelijke termijn vervolging overschreden 225 0,59 623 3,41 848 1,50 4.606 1,28
        Mogelijke opslorping 262 0,68 266 1,45 528 0,93 4.167 1,16
    Motieven eigen aan de verdachte, het slachtoffer of hun onderlinge verhouding 2.845 7,44 1.181 6,46 4.026 7,12 24.680 6,87
        Afwezigheid van voorgaanden 299 0,78 118 0,65 417 0,74 4.656 1,30
        Jeugdige leeftijd van de verdachte 2 0,01 9 0,05 11 0,02 75 0,02
        Schade geregeld of onwettige toestand geregulariseerd door de verdachte 2.491 6,51 919 5,02 3.410 6,03 16.496 4,60
        Houding van de klager 36 0,09 112 0,61 148 0,26 1.198 0,33
        Dader en slachtoffer staan in een specifieke relatie tot elkaar 17 0,04 23 0,13 40 0,07 2.255 0,63
    Beleid 5.653 14,77 2.092 11,44 7.745 13,69 47.172 13,14
        Te weinig recherchecapaciteit 1.462 3,82 154 0,84 1.616 2,86 10.332 2,88
        Andere prioriteiten bij opsporings- en vervolgingsbeleid 1.959 5,12 1.009 5,52 2.968 5,25 21.580 6,01
        Voorrang aan de burgerlijke afhandeling 2.232 5,83 929 5,08 3.161 5,59 15.260 4,25
TOTAAL 38.264 100,00 18.290 100,00 56.554 100,00 358.989 100,00

Bron: gegevensbank van het College van Procureurs-generaal - statistisch analisten

Methodologische kanttekeningen

Algemeen

Zaken die tussen 1 januari 2024 en 31 december 2024 werden gesloten, behoren tot de uitstroom van het jaar 2024.
Deze tabel biedt een overzicht van één van de uitstroommodaliteiten waarop zaken in de loop van 2024 zijn uitgestroomd, de afhandeling zonder strafvervolging (cfr. tabel 9).

Motief van afhandeling zonder strafvervolging

De afhandeling zonder strafvervolging is een beslissing van het Openbaar Ministerie waarbij het onderzoek naar de feiten als afgehandeld wordt beschouwd en geen strafrechtelijke vervolging wordt ingesteld. De beslissing tot afhandeling zonder strafvervolging is in wezen een voorlopige beslissing die door het Openbaar Ministerie kan herzien worden wanneer zich nieuwe bewijs- of onderzoekselementen aandienen.
Als onderdeel van de Franchimont-hervorming legt de wet aan de procureur des Konings de verplichting op om zijn beslissing te motiveren (art. 28 quater al. 1 van het Wetboek van strafvordering, ingevoegd door de wet van 12 maart 1998). De parketten beschikken over een gedetailleerde lijst van motieven voor de afhandeling zonder strafvervolging, zoals vermeld in de omzendbrief COL 16/2014 van het College van Procureurs-generaal betreffende de toepassing van de wet van 12 maart 1998.

Afhandeling zonder strafvervolging om technische redenen
Deze rubriek toont het aantal en de totale proportie van de motieven tot afhandeling zonder strafvervolging om technische redenen.
Afhandeling zonder strafvervolging om opportuniteitsredenen
Deze rubriek toont het aantal en de totale proportie van de motieven tot afhandeling zonder strafvervolging om opportuniteitsredenen.

Jaarstatistiek van de correctionele parketten
Opsporing en vervolging van strafzaken door de parketten bij de rechtbanken van eerste aanleg
https://stat.om-mp.be/intro_n.html