TABEL 11 - RECHTSGEBIED ANTWERPEN

Uitstroom van zaken in de loop van 2006 per parket: motieven voor de zonder strafvervolging afgehandelde zaken (N en %)

<< vorig (tabel 10) |
tabel 11 voor 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025
Antwerpen Bergen Brussel Gent Luik - België
| volgend (tabel 12) >>
  ANTWERPEN LIMBURG RECHTSGEBIED BELGIE
n % n % n % n %
Afhandeling zonder strafvervolging om technische redenen 37.605 63,58 13.844 57,89 51.449 61,94 460.232 71,44
    Onvoldoende elementen voor strafvervolging 36.262 61,31 12.815 53,59 49.077 59,09 450.386 69,91
        Geen misdrijf 5.420 9,16 3.257 13,62 8.677 10,45 66.793 10,37
        Onvoldoende bewijzen 10.270 17,36 3.308 13,83 13.578 16,35 60.356 9,37
        Dader(s) onbekend 20.572 34,78 6.250 26,13 26.822 32,29 323.237 50,17
        Noodzakelijke gegevens niet beschikbaar omwille van de huidige wetgeving op de dataretentie 0 0,00 0 0,00 0 0,00 0 0,00
    Verval van strafvordering 86 0,15 33 0,14 119 0,14 960 0,15
        Verjaring 2 0,00 0 0,00 2 0,00 43 0,01
        Overlijden van de verdachte 84 0,14 33 0,14 117 0,14 917 0,14
        Verlies van rechtspersoonlijkheid 0 0,00 0 0,00 0 0,00 0 0,00
    Niet-toelaatbaarheid van strafvordering 956 1,62 963 4,03 1.919 2,31 7.496 1,16
        Onbevoegdheid nationale vervolgingsorganen-rechtsmachten 620 1,05 729 3,05 1.349 1,62 4.057 0,63
        Kracht van gewijsde 244 0,41 181 0,76 425 0,51 2.664 0,41
        Immuniteit 2 0,00 0 0,00 2 0,00 53 0,01
        Strafuitsluitende verschoningsgrond 80 0,14 47 0,20 127 0,15 442 0,07
        Voor klachtmisdrijf: afwezigheid klacht of klachtafstand 10 0,02 6 0,03 16 0,02 280 0,04
        Ne bis in idem 0 0,00 0 0,00 0 0,00 0 0,00
    Onbekend/error 301 0,51 33 0,14 334 0,40 1.390 0,22
Afhandeling zonder strafvervolging om opportuniteitsredenen 21.539 36,42 10.071 42,11 31.610 38,06 184.033 28,56
    Motieven eigen aan de aard van de feiten 9.491 16,05 2.562 10,71 12.053 14,51 51.123 7,94
        Beperkte maatschappelijke weerslag 2.868 4,85 235 0,98 3.103 3,74 12.755 1,98
        Nadeel gering 931 1,57 267 1,12 1.198 1,44 6.251 0,97
        Wanverhouding tussen de gevolgen van de strafvervolging en de maatschappelijke verstoring 1.958 3,31 279 1,17 2.237 2,69 12.880 2,00
        Toevallige feiten met oorzaak in specifieke omstandigheden 3.314 5,60 1.654 6,92 4.968 5,98 11.992 1,86
        Aandeel van partijen niet duidelijk te bepalen 0 0,00 0 0,00 0 0,00 0 0,00
        Redelijke termijn vervolging overschreden 420 0,71 127 0,53 547 0,66 7.245 1,12
        Mogelijke opslorping 0 0,00 0 0,00 0 0,00 0 0,00
    Motieven eigen aan de verdachte, het slachtoffer of hun onderlinge verhouding 6.950 11,75 3.544 14,82 10.494 12,63 67.708 10,51
        Afwezigheid van voorgaanden 1.381 2,33 390 1,63 1.771 2,13 7.840 1,22
        Jeugdige leeftijd van de verdachte 30 0,05 26 0,11 56 0,07 169 0,03
        Schade geregeld of onwettige toestand geregulariseerd door de verdachte 3.902 6,60 2.303 9,63 6.205 7,47 36.902 5,73
        Houding van de klager 561 0,95 299 1,25 860 1,04 5.191 0,81
        Dader en slachtoffer staan in een specifieke relatie tot elkaar 1.076 1,82 526 2,20 1.602 1,93 17.606 2,73
    Beleid 5.098 8,62 3.965 16,58 9.063 10,91 65.202 10,12
        Te weinig recherchecapaciteit 35 0,06 7 0,03 42 0,05 2.999 0,47
        Andere prioriteiten bij opsporings- en vervolgingsbeleid 5.063 8,56 3.958 16,55 9.021 10,86 62.203 9,65
        Voorrang aan de burgerlijke afhandeling 0 0,00 0 0,00 0 0,00 0 0,00
TOTAAL 59.144 100,00 23.915 100,00 83.059 100,00 644.265 100,00

Bron: gegevensbank van het College van Procureurs-generaal - statistisch analisten

Methodologische kanttekeningen

Algemeen

Zaken die tussen 1 januari 2006 en 31 december 2006 werden gesloten, behoren tot de uitstroom van het jaar 2006.
Deze tabel biedt een overzicht van één van de uitstroommodaliteiten waarop zaken in de loop van 2006 zijn uitgestroomd, de afhandeling zonder strafvervolging (cfr. tabel 9).

Motief van afhandeling zonder strafvervolging

De afhandeling zonder strafvervolging is een beslissing van het Openbaar Ministerie waarbij het onderzoek naar de feiten als afgehandeld wordt beschouwd en geen strafrechtelijke vervolging wordt ingesteld. De beslissing tot afhandeling zonder strafvervolging is in wezen een voorlopige beslissing die door het Openbaar Ministerie kan herzien worden wanneer zich nieuwe bewijs- of onderzoekselementen aandienen.
Als onderdeel van de Franchimont-hervorming legt de wet aan de procureur des Konings de verplichting op om zijn beslissing te motiveren (art. 28 quater al. 1 van het Wetboek van strafvordering, ingevoegd door de wet van 12 maart 1998). De parketten beschikken over een gedetailleerde lijst van motieven voor de afhandeling zonder strafvervolging, zoals vermeld in de omzendbrief COL 16/2014 van het College van Procureurs-generaal betreffende de toepassing van de wet van 12 maart 1998.

Afhandeling zonder strafvervolging om technische redenen
Deze rubriek toont het aantal en de totale proportie van de motieven tot afhandeling zonder strafvervolging om technische redenen.
Afhandeling zonder strafvervolging om opportuniteitsredenen
Deze rubriek toont het aantal en de totale proportie van de motieven tot afhandeling zonder strafvervolging om opportuniteitsredenen.

Jaarstatistiek van de correctionele parketten
Opsporing en vervolging van strafzaken door de parketten bij de rechtbanken van eerste aanleg
https://stat.om-mp.be/intro_n.html