TABEL 11 - RECHTSGEBIED BERGEN

Uitstroom van zaken in de loop van 2021 per parket: motieven voor de zonder strafvervolging afgehandelde zaken (N en %)

<< vorig (tabel 10) |
tabel 11 voor 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025
Antwerpen Bergen Brussel Gent Luik - België
| volgend (tabel 12) >>
  BERGEN CHARLEROI RECHTSGEBIED BELGIE
n % n % n % n %
Afhandeling zonder strafvervolging om technische redenen 19.172 59,67 19.869 67,66 39.041 63,49 222.023 64,92
    Onvoldoende elementen voor strafvervolging 18.298 56,95 19.151 65,22 37.449 60,90 211.033 61,71
        Geen misdrijf 3.857 12,00 3.794 12,92 7.651 12,44 49.088 14,35
        Onvoldoende bewijzen 6.314 19,65 8.415 28,66 14.729 23,95 88.010 25,73
        Dader(s) onbekend 8.127 25,29 6.942 23,64 15.069 24,50 73.935 21,62
        Noodzakelijke gegevens niet beschikbaar omwille van de huidige wetgeving op de dataretentie 0 0,00 0 0,00 0 0,00 0 0,00
    Verval van strafvordering 308 0,96 189 0,64 497 0,81 2.429 0,71
        Verjaring 48 0,15 37 0,13 85 0,14 674 0,20
        Overlijden van de verdachte 260 0,81 152 0,52 412 0,67 1.754 0,51
        Verlies van rechtspersoonlijkheid 0 0,00 0 0,00 0 0,00 1 0,00
    Niet-toelaatbaarheid van strafvordering 524 1,63 529 1,80 1.053 1,71 8.338 2,44
        Onbevoegdheid nationale vervolgingsorganen-rechtsmachten 47 0,15 38 0,13 85 0,14 1.240 0,36
        Kracht van gewijsde 403 1,25 443 1,51 846 1,38 6.215 1,82
        Immuniteit 5 0,02 1 0,00 6 0,01 23 0,01
        Strafuitsluitende verschoningsgrond 29 0,09 42 0,14 71 0,12 615 0,18
        Voor klachtmisdrijf: afwezigheid klacht of klachtafstand 27 0,08 0 0,00 27 0,04 53 0,02
        Ne bis in idem 13 0,04 5 0,02 18 0,03 192 0,06
    Onbekend/error 42 0,13 0 0,00 42 0,07 223 0,07
Afhandeling zonder strafvervolging om opportuniteitsredenen 12.957 40,33 9.496 32,34 22.453 36,51 119.971 35,08
    Motieven eigen aan de aard van de feiten 4.736 14,74 4.973 16,94 9.709 15,79 38.970 11,39
        Beperkte maatschappelijke weerslag 1.061 3,30 90 0,31 1.151 1,87 2.819 0,82
        Nadeel gering 266 0,83 125 0,43 391 0,64 4.866 1,42
        Wanverhouding tussen de gevolgen van de strafvervolging en de maatschappelijke verstoring 2.169 6,75 2.899 9,87 5.068 8,24 17.919 5,24
        Toevallige feiten met oorzaak in specifieke omstandigheden 879 2,74 1.023 3,48 1.902 3,09 7.890 2,31
        Aandeel van partijen niet duidelijk te bepalen 1 0,00 0 0,00 1 0,00 10 0,00
        Redelijke termijn vervolging overschreden 357 1,11 820 2,79 1.177 1,91 5.413 1,58
        Mogelijke opslorping 3 0,01 16 0,05 19 0,03 53 0,02
    Motieven eigen aan de verdachte, het slachtoffer of hun onderlinge verhouding 3.949 12,29 2.626 8,94 6.575 10,69 30.870 9,03
        Afwezigheid van voorgaanden 303 0,94 530 1,80 833 1,35 5.657 1,65
        Jeugdige leeftijd van de verdachte 35 0,11 1 0,00 36 0,06 98 0,03
        Schade geregeld of onwettige toestand geregulariseerd door de verdachte 1.979 6,16 1.494 5,09 3.473 5,65 19.135 5,60
        Houding van de klager 130 0,40 48 0,16 178 0,29 1.462 0,43
        Dader en slachtoffer staan in een specifieke relatie tot elkaar 1.502 4,67 553 1,88 2.055 3,34 4.518 1,32
    Beleid 4.272 13,30 1.897 6,46 6.169 10,03 50.131 14,66
        Te weinig recherchecapaciteit 1.383 4,30 364 1,24 1.747 2,84 16.356 4,78
        Andere prioriteiten bij opsporings- en vervolgingsbeleid 2.011 6,26 849 2,89 2.860 4,65 22.207 6,49
        Voorrang aan de burgerlijke afhandeling 878 2,73 684 2,33 1.562 2,54 11.568 3,38
TOTAAL 32.129 100,00 29.365 100,00 61.494 100,00 341.994 100,00

Bron: gegevensbank van het College van Procureurs-generaal - statistisch analisten

Methodologische kanttekeningen

Algemeen

Zaken die tussen 1 januari 2021 en 31 december 2021 werden gesloten, behoren tot de uitstroom van het jaar 2021.
Deze tabel biedt een overzicht van één van de uitstroommodaliteiten waarop zaken in de loop van 2021 zijn uitgestroomd, de afhandeling zonder strafvervolging (cfr. tabel 9).

Motief van afhandeling zonder strafvervolging

De afhandeling zonder strafvervolging is een beslissing van het Openbaar Ministerie waarbij het onderzoek naar de feiten als afgehandeld wordt beschouwd en geen strafrechtelijke vervolging wordt ingesteld. De beslissing tot afhandeling zonder strafvervolging is in wezen een voorlopige beslissing die door het Openbaar Ministerie kan herzien worden wanneer zich nieuwe bewijs- of onderzoekselementen aandienen.
Als onderdeel van de Franchimont-hervorming legt de wet aan de procureur des Konings de verplichting op om zijn beslissing te motiveren (art. 28 quater al. 1 van het Wetboek van strafvordering, ingevoegd door de wet van 12 maart 1998). De parketten beschikken over een gedetailleerde lijst van motieven voor de afhandeling zonder strafvervolging, zoals vermeld in de omzendbrief COL 16/2014 van het College van Procureurs-generaal betreffende de toepassing van de wet van 12 maart 1998.

Afhandeling zonder strafvervolging om technische redenen
Deze rubriek toont het aantal en de totale proportie van de motieven tot afhandeling zonder strafvervolging om technische redenen.
Afhandeling zonder strafvervolging om opportuniteitsredenen
Deze rubriek toont het aantal en de totale proportie van de motieven tot afhandeling zonder strafvervolging om opportuniteitsredenen.

Jaarstatistiek van de correctionele parketten
Opsporing en vervolging van strafzaken door de parketten bij de rechtbanken van eerste aanleg
https://stat.om-mp.be/intro_n.html